Zoeken

Jeugdraad-voorzitter Amir Bachrouri nam een vliegende start

22 juli 2021 - 19:40 - Marokkanen in het buitenland

©

Amir Bachrouri werd in januari voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad en heeft zich sindsdien enorm ingezet om Vlaamse jongeren een stem te geven in het coronadebat. Bachrouri is met zijn 18 jaar de jongste voorzitter ooit van de Vlaamse Jeugdraad, hij komt al langer op voor de belangen van jonge mensen.

Bachrouri had met De Tijd afgesproken om na de examens in gesprek te gaan over zijn eerste ervaringen met de nieuwe functie. Hij begint het interview meteen met goed nieuws. "Ik ben geslaagd. Het was een moeilijk jaar. Het tweede semester hadden we maar één keer les in de aula. Ik ga graag naar de aula. Voor eerstejaars is virtueel contact niet zo gemakkelijk. Ik heb, echt waar, door de examens medestudenten leren kennen", zegt Amir Bachrouri, die rechten studeert aan de Universiteit Antwerpen. Sinds januari van dit jaar is hij de nieuwe voorzitter van de Vlaamse Jeugdraad. "Ik was een van de 16 nieuwe adviseurs. Toen was er een oproep voor dat voorzitterschap. Je moest je kandidatuur insturen voor 1 januari. Ik twijfelde, ik zat net in mijn eerste blok. Maar op 31 december om 23.59 uur heb ik op ’verzenden’ geklikt. Buiten hoorde ik vuurwerk, ook al mocht het niet. Maar ik zat ik dus achter mijn laptop."

Lees ook: Amir Bachrouri nieuwe voorzitter Vlaamse Jeugdraad in België

Het voorzitterschap komt niet uit de lucht gevallen, Amir engageert zich al veel langer dan vandaag. "Vroeger durfde ik niet voor onbekenden te praten. Maar in het tweede middelbaar was er de grote vluchtelingencrisis en zag ik op tv hoe een Hongaarse journalist een vluchteling tackelde. Dat maakte indruk en tijdens de les sprak ik daarover. Plots merkte ik dat de hele klas naar me keek. Het was precies een theaterstuk en ik merkte dat ik wel durfde te spreken. Dat dat niet raar was. Via J100, een organisatie in het Antwerpse jeugdwerk, was ik al maatschappelijk betrokken en op de lagere school was ik al geïnteresseerd in de politiek. De verkiezingsshows met Ivan De Vadder aan het bord vond ik boeiend en die debatten vond ik prachtig theater."

Op zijn twaalfde was Amin reeds actief in jeugdcentrum Den Eglantier in Berchem. "Tot dan waren we zogezegd hangjongeren. We aten zonnebloempitten en dronken Golden Power, de Red Bull van de Aldi. Maar in het jeugdhuis waren we nog niet welkom. We waren te klein, voor ons waren er geen activiteiten. Dat vonden ik en enkele vrienden jammer, en we bleven uren aan de ingang staan. Ik heb Femke Hintjens, de jeugdwerkster, veel kopzorgen bezorgd. Ze zei: ’Amir, dat is niet de way to go.’ Maar ze ging samen met ons wel op zoek naar hoe kinderen van onze leeftijd een aanbod konden krijgen." Bachrouri vertelt dat J100 zeer belangrijk was voor het Antwerpse jeugdwerk, net als Let’s Go Urban. "Heel actief was ik daar niet, ik ben niet zo’n danser. Maar LGU deed ook andere activiteiten, het was een gaaf project. Voor veel jongeren betekende het iets. Wat met de subsidies is gebeurd, weet ik niet. Als er miljoenenfraude is, dan is dat fout. Als rechtenstudent zeg ik dat we het vonnis moeten afwachten voor we iets over Sihame El Kaouakibi kunnen zeggen. Maar haar verdict is niet mijn issue. De zaak is wel slecht voor het imago van het jeugdwerk, wat jammer is. Voor veel jongeren deed LGU mooie dingen. Ook Laura Tesoro heeft er gedanst".

In april van dit jaar schreef Bachrouri een opiniestuk voor VRT NWS, gericht aan Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts, over de eindexamens in coronatijden. "Eerst had ik de directeur van onze school gemaild, maar die liet het links liggen. Ik herwerkte de mail, stuurde hem naar de VRT en even later ging ik op StuBru in debat met Weyts. Thuis met knikkende knieën, het verliep online. Ik ging dood van de stress. Veel politici stuurden me een bericht. En de schooldirectie reageerde nu wel. ’We zijn trots op u’, zeiden ze. In plaats van acht examens moesten we er maar drie doen. Toen heb ik geleerd wat een compromis is. En iedereen slaagde. Met acht eindexamens was dat nooit gebeurd."

Over zijn Marokkaanse roots zegt Bachrouri aan De Tijd: "Ik ben geboren in Rotterdam. Op mijn negen maanden verhuisden mijn ouders naar Antwerpen. Ze zijn allebei vanuit Marokko naar Nederland gegaan om er te werken. Ze leerden elkaar daar kennen, ik ben dus niet de traditionele derdegeneratie-Marokkaan. We brachten onze zomers door in Oujda en Fez, waar we familie hebben wonen. Maar ik heb er altijd gevoeld: ik ben niet van hier. Dat heb ik ook in Brugge en Kortrijk, hè. Het leidt niet tot een identiteitscrisis. Ik ben gewoon van Borgerhout. In Marokko lijken de mensen op ons, maar het is een andere cultuur. Als wij er zijn, komen we in de bubbel van Marokkanen uit Nederland en België terecht. Op het strand hoor ik bijna alleen Nederlands. Ze verkopen er frieten en bitterballen, en je hoort er muziek van Boef en Tourist LeMC. De Marokkanen horen dat wij niet van daar zijn. Mijn Arabisch klinkt anders dan dat van hen. Een taxi is er goedkoop, maar ons durven ze weleens dubbel zoveel aan te rekenen. Je wordt er nog meer gezien als ’de ander’. Ik voel me er een toerist."

Bladna.nl

Bladna.nl - 2021 - Contact - Over Bladna.nl - Privacybeleid - Ons team