22 januari 2026 - 11:00 - Marokko
De geplande spoortunnel onder de Straat van Gibraltar, die Europa rechtstreeks met Afrika moet verbinden, heeft te kampen met een aanzienlijke vertraging. Hoewel de verbinding al jarenlang een ambitieus doel is voor zowel Marokko als Spanje, wijzen recente rapporten uit dat de realisatie nog zeker een decennium langer op zich laat wachten. Hierdoor zal de infrastructuur niet gereed zijn voor een belangrijk internationaal evenement dat in 2030 op de agenda staat.
Uit een technisch rapport van het Duitse bedrijf Herrenknecht, opgesteld voor de Spaanse overheidsinstantie Secegsa, blijkt dat de tunnel pas tussen 2035 en 2040 operationeel kan zijn. De oorzaak van het uitstel ligt bij de complexe geologische omstandigheden in de zeebodem. Vooral de zone bij de drempel van Camarinal vereist extra aandacht; er zijn diepgaande seismische onderzoeken nodig en er moet eerst een verkenningstunnel worden aangelegd. Om door de specifieke harde rotsformaties te komen, is bovendien de ontwikkeling van nieuwe boortechnieken noodzakelijk.
À lire : Tunnel Marokko-Spanje: rechtszaak gestart tegen megaproject
Ondanks deze hindernissen blijft het project van groot strategisch belang voor de Europese Unie en de betrokken landen. De tunnel moet een logistieke corridor vormen die steden als Casablanca, Rabat en Madrid met elkaar verbindt. Hiermee zou de positie van Spanje als cruciaal knooppunt tussen de twee continenten worden versterkt. Terwijl dit grootschalige project wordt uitgesteld, zet Marokko vaart achter de modernisering van zijn nationale infrastructuur en het versterken van internationale partnerschappen.
À lire : Megatunnel tussen Marokko en Spanje haalbaar, maar pas in 2040
De financiële ramingen voor het project zijn fors, waarbij alleen al voor de Spaanse zijde een bedrag van 8,5 miljard euro wordt genoemd. De financiering zal naar verwachting mede worden gedragen door Europese fondsen en toekomstige inkomsten uit logistiek en telecommunicatie. Voorlopig blijft het verkeer tussen de twee oevers echter aangewezen op de bestaande lucht- en scheepvaartverbindingen. De Straat van Gibraltar blijft daarmee een vitale en streng bewaakte passage, waarbij ook de samenwerking binnen de NAVO een rol speelt.