Het document is opgesteld door het Nationale Centrum voor Immigratie en Grenzen (CENIF), de inlichtingeneenheid van de Spaanse vreemdelingen- en grenspolitie. Het rapport is overhandigd aan rechter María Tardón van de Audiencia Nacional. Zij onderzoekt of de gebeurtenissen van 30 en 31 juli mogelijk een aantasting van de onafhankelijkheid van de Spaanse staat vormen.
Volgens informatie van El Español beschouwt het CENIF de ongeveer 72.000 passages niet uitsluitend als een spontane beweging die via sociale media uit de hand liep.
Op Bladna.nl: CNI zag 2000 mensen bij Sebta, uiteindelijk staken 72.000 de grens over
De onderzoekers zouden uitgaan van de hypothese dat de beweging was georganiseerd om de grenscontrole bij Sebta te verzadigen. Marokkaanse gendarmes zouden kandidaten aanwijzingen hebben gegeven en de duizenden mensen die in Fnideq aankwamen naar specifieke zones hebben gestuurd om Sebta te bereiken.
Volgens het rapport waren daarnaast mannen in burger aanwezig die de bewegingen richting de Tarajal-dam zouden hebben gestuurd en zelfs instructies zouden hebben gegeven aan de Marokkaanse politieagenten.
RTVE spreekt over "vermeende Marokkaanse inlichtingenagenten". Hun identiteit en precieze functie zijn echter niet publiekelijk vastgesteld.
Dat onderscheid is belangrijk, omdat eerdere Spaanse onderzoeken wel waarschuwingen en een groep van 1000 tot 2000 mensen bij Sebta hadden vastgesteld, maar geen aansturing door een buitenlandse overheid konden aantonen.
Verschillende golven zouden grens hebben verzadigd
Het CENIF wijst ook op de verschillende profielen van de mensen die op 30 juli de grens overstaken. Voor 11 uur bestond de eerste groep vooral uit Marokkaanse jongeren van 15 tot 25 jaar, met wetsuits, zwemvliezen en drijfmiddelen.
Vanaf 11 uur tot de avond veranderde het profiel. Complete gezinnen, vrouwen en kinderen kwamen aan, vaak in sportkleding en sandalen en zonder speciaal materiaal voor een oversteek door het water. Tijdens de nacht en de volgende dag zou het profiel opnieuw meer op dat van de eerste groep hebben geleken.
Volgens de auteurs van het rapport zou deze opeenvolging eerst de Spaanse controlecapaciteit hebben verzadigd met mensen die beter voorbereid waren, waarna kwetsbaardere groepen arriveerden toen het systeem bij Tarajal al zwaar onder druk stond.
Het CENIF wijst daarnaast op het feit dat bijna 90% van de mensen die Sebta binnenkwamen enkele uren later naar Marokko terugkeerde. Meer dan 70.000 mensen verlieten de enclave volgens de gegevens snel opnieuw.
Op Bladna.nl: Ceuta telt al 191% meer aankomsten… 72.000 van juli nog niet meegerekend
De conclusies hebben inmiddels geleid tot vragen binnen de Spaanse regering. Minister van Binnenlandse Zaken Fernando Grande-Marlaska heeft politiedirecteur Francisco Pardo gevraagd sinds wanneer zijn diensten over deze informatie beschikten en de stukken aan hem over te dragen.
De Spaanse regering heeft de beschuldigingen uit het politierapport echter nog niet als eigen conclusie overgenomen. De Moncloa roept op tot "maximale voorzichtigheid" en benadrukt dat de regering tot dusver verklaarde geen bewijs te hebben van Marokkaanse betrokkenheid bij de uitzonderlijke crisis. Het gerechtelijk onderzoek moet nu bepalen welke waarde aan de elementen van het CENIF moet worden toegekend.