De man vroeg in juni 2022 een ouderdomspensioen aan bij de Sociale Verzekeringsbank. Hij verklaarde dat hij in de genoemde periode in een Nederlandse houtfabriek had gewerkt. Om zijn aanvraag te ondersteunen, leverde hij een inschrijfkaart van een ziekenfonds aan. Daarmee hoopte hij zijn vroegere band met Nederland te onderbouwen.
Op Bladna.nl : Man ontvangt tientallen jaren uitkering in Marokko, Nederland trekt plots stekker eruit
De SVB onderzocht vervolgens de gegevens die hij had verstrekt. Bij de gemeenten Ede en Wageningen werd nagegaan of hij in het bevolkingsregister voorkwam. Beide gemeenten konden geen inschrijving vinden. Ook in het Schakelregister werd hij niet teruggevonden en bij het Pensioenfonds Meubel was hij evenmin bekend.
Op 22 februari 2023 wees de SVB zijn aanvraag af. Zijn bezwaar veranderde daar niets aan. Vervolgens stapte hij naar de rechtbank Amsterdam, die de afwijzing op 25 september 2024 in stand liet. In hoger beroep bleef de man volhouden dat hij in Nederland in loondienst had gewerkt en verwees hij opnieuw naar zijn ziekenfondskaart.
Oude kaart bewijst geen volledig verzekeringsjaar
De kaart werd door de rechter wel degelijk bekeken. Daaruit blijkt dat de man op 27 maart 1979 bij het ziekenfonds stond ingeschreven. Die inschrijving liep minstens door tot 7 mei 1979, de datum waarop de kaart werd uitgegeven. Hoe lang hij daarna nog ingeschreven bleef, valt er echter niet uit af te leiden.
Dat ontbrekende tijdvak was doorslaggevend. Volgens de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep moest de man voor zijn AOW-aanspraak ten minste één verzekerd jaar aantonen. De ziekenfondskaart bood daarvoor onvoldoende bewijs. De twee vermelde datums zeggen niets over een eventuele voortzetting van de inschrijving gedurende de rest van het jaar.
Ook een overgelegde ziekenhuiskaart kon dat gebrek niet oplossen. Daarop stonden wel zijn persoonsgegevens, maar geen uitgiftedatum en evenmin datums van bezoeken of een ziekenhuisverblijf. Daarmee bood ook dat document onvoldoende houvast om de vereiste duur van zijn verblijf of werkzaamheden vast te stellen.
Op Bladna.nl : Marokko en Nederland laten afspraken over pensioen, zorg en kinderbijslag evalueren
Omdat andere aanwijzingen voor minimaal één jaar wonen of werken in Nederland ontbraken, bevestigde de Centrale Raad van Beroep op 19 maart 2026 de afwijzing. De man krijgt op grond van deze aanvraag geen AOW en ontvangt ook geen vergoeding voor zijn proceskosten of het betaalde griffierecht. De zaak draaide daarmee om het bewijs van zijn verzekeringsverleden, niet om een verbod op AOW-betalingen aan iemand die in Marokko woont.