De vrouw, geboren in 1960, woont met een verblijfskaart die op 4 augustus 2026 afloopt. Door een ernstige neurologische aandoening krijgt ze dagelijks hulp van haar zoon, die ook haar administratieve zaken regelt.
Lees ook : Spaanse papieren waardeloos: Marokkaans gezin moet land uit
Op 4 juni kreeg ze officieel goedkeuring voor de verlenging. Haar nieuwe verblijfskaart is geldig van 5 augustus 2026 tot 4 augustus 2036 en was op dat moment in productie.
Op 1 juli stuurde de prefectuur van Cher haar zoon een e-mail met het verzoek een afspraak te maken voor het ophalen van de verblijfskaart. Hij boekte meteen een afspraak voor 16 juli.
De familie plande daarop een vertrek naar Marokko op 21 juli. Er werden vliegtickets, een verblijf en een huurauto geboekt. De reis was bedoeld voor de jaarlijkse familiebijeenkomst met haar kinderen die in Marokko wonen.
Aan het loket loopt het anders
Tijdens de afspraak op 16 juli kon een medewerker de nieuwe kaart eerst niet vinden. Een leidinggevende liet vervolgens weten dat de kaart niet zou worden afgegeven zolang de oude verblijfskaart nog geldig was. Volgens de prefectuur moest eerst worden gewacht tot die op 4 augustus verliep. Dat blijkt uit de uitspraak van de rechtbank van Orléans van 18 juli 2026.
Haar zoon stapte daarop naar de rechter. Hij wilde dat de prefectuur de nieuwe kaart binnen 24 uur zou afgeven, met een dwangsom van 100 euro voor iedere dag vertraging. Als dat niet gebeurde, vroeg hij ook vergoeding van de gemaakte reiskosten.
Het belangrijkste probleem was de terugreis. Als zijn moeder op 21 juli naar Marokko zou vertrekken en haar oude verblijfskaart tijdens haar verblijf zou verlopen, vreesde hij dat zij zonder geldig document niet meer naar Frankrijk kon terugkeren.
Lees ook : Digitaal systeem weigert Marokkaanse vrouw, staat moet haar 100 euro per dag betalen
De rechter noemde het "betreurenswaardig" dat de nieuwe kaart tijdens de speciaal daarvoor gemaakte afspraak niet was afgegeven, maar wees het verzoek toch af. Omdat de bestaande kaart nog tot 4 augustus geldig was, zag de rechter geen noodsituatie die binnen 48 uur ingrijpen vereiste.
Ook het risico dat de vrouw tijdens haar verblijf in Marokko zonder geldig document zou komen te zitten, overtuigde de rechter niet. Dat scenario werd als hypothetisch beschouwd en zou volgens de uitspraak mede het gevolg zijn van haar eigen beslissing om toch te reizen.